|
'Creatief schrijven'
Doel: De kandidaat kan artikelen voor een personeelsblad, een huisorgaan of een persmap schrijven. |
|
• Voorbereidingsfase
|
- Ga na wat het doel is van de tekst; wat wil je met je tekst bereiken?
| informatie geven
over
een product, een situatie of een maatregel (informatief doel). |
commentaar leveren
of je mening geven over
een bepaald onderwerp (een commentariërend doel). |
|
![]() |
||
| uitleggen hoe de lezer iets moet gebruiken
(een directief doel). |
overtuigen
om bijvoorbeeld een product te verkopen (persuasief doel). |
|
| of gewoonweg 'entertainen' (een column of grappig verhaal) |
- Stel dan vast voor welk publiek je tekst bestemd is:
|
Wat weet je publiek van het onderwerp? Welke ervaring of opleiding heeft je lezer? Welke taal kun je gebruiken (toon, moeilijkheid)? Wat wil de lezer van het onderwerp weten? Wat
is je relatie tot de lezer (chef, adviseur, klant)? |
- Vervolgens bepaal je welke tekstsoort het beste past bij doel en publiek:
| een memo, artikel, circulaire, direct mail, een nieuwsbericht, een achtergrondartikel, een interview, een column, een sfeerreportage, een teletekstbericht, een promotietekst, rapport etc. |
|
Ordenen betekent structureren. Zakelijke teksten hebben meestal twee doelen: - informeren (brief, artikel in personeelsblad of huisorgaan, persbericht); - overtuigen (direct mail, advertentie, leaflet, folder, brochure, artikel). Als je informatie wilt overdragen, is de opbouw
van je boodschap heel belangrijk. |
![]() |
| Structuur "Inwendig": De logische volgorde binnen de tekst. Van hoofdvraag naar subvraag naar ondersteunende bijzaken en relevante details naar het volgende kernidee.
|
|
Eenvoud Stel je taalgebruik af op je doelgroep.
|
| Tips: • Vermijd onnodig moeilijke woorden. vaktermen: de term "pay-off"is vreemd voor mensen die niet in de "communicatie"zitten. Leg de term uit of maak gebruik van voetnoten. afkortingen: schrjjf ze voluit, ook als het bekende zijn zoals: "a.h.w., d.w.z.". intellectuelewoorden: om indruk te maken bij andere mensen zoals: "cognitieve dissonantie, discrepantie et cetera". lange woorden:
"inkomstenbelastingformulieren" |
|
Stijl Hiermee bedoelen we toevoegingen in de tekst die de lezer aanzetten tot het lezen ervan, maar die de lezer ook geďnteresseerd houden. Houd altijd de doelgroep goed in het oog. Je kunt
de volgende middelen gebruiken: - afwisselende zinsvolgordes: verschillende zinstypen (onderwerp - persoonsvorm - ander zinsdeel/ ander zinsdeel - persoonsvorm - onderwerp); - verhalende stijl: probeer zo te schrijven dat de lezer zich een beeld kan vormen
van wat je bedoelt: - dialogen en citaten: als je mensen zelf aan het woord laat, geeft dat een persoonlijk effect (het zogenaamde "human interest"of menselijk element). |
| Beknoptheid Deze factor is wederom afhankelijk
van doel en doelgroep. • een tekst waarin teveel informatie is samengepakt (te grote informatiedichtheid); • een tekst waarin informatie onnodig breed uitgemeten wordt (teveel herhaling). Tips:
|
![]() |
- Is de tekst logisch opgebouwd? - Is de tekst functioneel? - Hoe verbeter je de lijn van een verhaal? - Hebben de alinea's een duidelijke functie in het verhaal? - Is de lead helder en aantrekkelijk? - Gaat het verhaal niet als een nachtkaars uit? - Hoe maak je een goede kop? - Wanneer heb je een chapeau nodig? - Is de spelling correct? |